Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Vaders-Antwoord-641x1024.jpg

Uit het boek

Het is nog geen tijd en ik loop nog even naar buiten. Terwijl ik naar buiten loop komt een collega, Ruud, achter me aan en zegt “Ik loop even met je mee.” “Oké gezellig,” zeg ik. Buiten aangekomen vraagt hij aan me: “Je vond het niet fijn hé, in de auto hier naar toe.” Ik zeg: “Nee, niet bepaald.” “Ik had het in de gaten en vond het rot voor je, ik heb tegen de andere jongens gezegd dat het niet goed was wat we deden en heb ook gezegd dat we er in de toekomst rekening mee moeten gaan houden.”

Ik ben verbaasd en zeg: “Bedankt Ruud man, maar weet je wat nu zo bijzonder is? Ik heb zojuist God gevraagd mij te helpen omdat ik het zo lastig vond om op deze manier met jullie samen te werken en nu gebruikt Hij jou om het op te lossen, is dat niet bijzonder?” “Zeker is dat bijzonder vooral als je zo met God kan leven.” “Maar dat kan voor jou ook” zeg ik “God wil met jou ook zo’n leven, dan heb je het beter dan nu.” “Ja maar mijn leven is goed genoeg, ik heb alles wat ik wil.” “Maar straks dan, als je komt te sterven?” “O dat zien we dan wel, zo ver is het nog niet.” “Dat weet je niet, het kan maar zo” “Nee joh, ik ben nog jong en fit, kom gaan we weer naar binnen.”

Ruud kapte duidelijk het gesprek af, we gingen naar binnen en namen plaats aan een grote tafel.
Ik ben Vader zo dankbaar dat Hij mijn gebed verhoorde en Ruud er voor gebruikte. Zo zie je maar weer dat God je nooit laat staan wanneer je Hem raadpleegt ter ere van Hemzelf.